Naar de hoofdinhoud

CareConnect Admin - CareConnect into.care: synchronisatie

Geschreven door Sara


Een synchronisatie tussen CareConnect Admin & CareConnect into.care

Inhoud

Indien u beschikt over een gegevensuitwisseling van CareConnect Admin naar CareConnect into.care, dan is het belangrijk enkele elementen in CareConnect Admin goed voor te bereiden. In dit document vindt u hierover meer informatie.

2. Configuratie door gebruikers

2.1. Versie CareConnect Admin

De installatie van een synchronisatie van data van CareConnect Admin naar CareConnect into.care vereist minimaal versie 4.7.11. van CareConnect Admin.

2.2 Verwantschappen en burgerlijke staat

Elke contactpersoon heeft een verwantschap naar een resident toe. Deze zijn instelbaar in een volledig vrije tekst in CareConnect Admin. In CareConnect into.care komt dit overeen met het veld 'relatie'. Om een juiste relatie te linken aan een verwantschap moet elke verwantschap in CareConnect Admin geconfigureerd worden.
Doe dit door het volgende scherm te openen: "Bestanden > Configuratiegegevens > Administratie > Verwantschappen". Klik op het eerste verwantschap en selecteer daarna een Kmehr koppeling en sla op. Herhaal dit voor elk verwantschap. Indien er geen passende overeenkomst is in de keuzelijst bij het veld 'Kmehr koppeling', dan laat u dit veld leeg. In CareConnect into.care zal in deze situatie 'andere' staan in het veld relatie.
Een voorbeeld van de verwantschap Advocaat zie je hieronder als voorbeeld.

image.png


Sedert de versie 4.7.24. van CareConnect Admin is de khmer lijst met mogelijke relaties uitgebreid. Initieel had CareConnect into.care immers meer keuzemogelijkheden dan CareConnect Admin aanbood. Bij de uitbreiding van deze lijst in versie 4.7.24. kan het wel nodig zijn om bij een ontdubbeling van unisex relaties naar bisex relaties dat de vrouwelijke vormen actief aan te passen. Bijvoorbeeld, tot en met versie 4.7.23. werd een een kleinzoon én een kleindochter gelinkt met de khmer relatie 'kleinkind'. Vanaf 4.7.24.zal telkens de mannelijke vorm als standaard gezet worden. Dit houdt ik dat u kleindochters en andere vrouwelijke vormen actief zult moeten aanpassen.

Hetzelfde is nodig bij de tabel burgerlijke staat. Navigeer naar "Bestanden > Configuratiegegevens > Administratie > Burgerlijke staat". Klik op de eerste status en selecteer daarna een Kmehr koppeling en sla op.
Doe dit in elk dossier dat u wenst te synchroniseren.

2.3. Landcodes

De landcodes dienen in het systeem correct ingevoerd te worden. Hiervan is de landcode voor België (BE) de meest gebruikte en bijgevolg de belangrijkste. Ook voor andere landen kan u een landcode invoeren. Dit is belangrijk indien er in uw instelling residenten worden opgenomen die een andere nationaliteit hebben. Elke landcode mag maar éénmaal voorkomen in de configuratietabel.

2.4. Artsen

De artsen in het systeem dienen een volledig aangevuld dossier te hebben in de lijst "medewerkers". Een correct geconfigureerd dossier bevat verplicht minimaal:

  • Naam en voornaam arts;

  • telefoonnummer (Opgelet: enkel ofwel een GSM nummer ofwel een telefoonnummer, maar beiden mag niet.);

  • adres;

  • RIZIV nummer van de arts (inclusief de kwalificatiecode).

2.5. Kamernummers en afdelingen

De kamernummers in CareConnect Admin en CareConnect into.care moeten één op één overeenstemmen indien men wil vermijden dat dubbele kamernummers zullen worden aangemaakt. We raden aan om de kamernummers in CareConnect Admin aan te passen naar deze gebruikt in CareConnect into.care in geval van een reeds bestaand(e) porta(a)l(en). Hou er rekening mee dat wijzigingen van kamernummers ook een impact zullen hebben op het gebruik van de NFC-tags indien uw instelling hiervan gebruik maakt. Zie ook 5.2. voor meer informatie.

2.6. Controle contacten

Het toevoegen of wijzigen van contactpersonen gebeurt voortaan enkel in CareConnect Admin. Deze worden automatisch gesynchroniseerd naar CareConnect into.care. Hierbij zijn er een aantal aandachtspunten om te controleren vooraleer de API koppeling wordt geïnstalleerd, immers bij synchronisatie zal geprobeerd worden om de contacten vanuit CareConnect Admin samen te voegen met eventueel reeds bestaande contacten in CareConnect into.care. Zie ook punt 4.6. voor meer uitgebreide informatie.

3. Configuratie door Corilus

3.1. Externe koppelingen

De meest belangrijke instelling is de effectieve koppeling met de API waar de data naar toe gezonden wordt. Deze wordt ingesteld door een Corilus medewerker die contact met u op neemt.
In geen geval mag u deze informatie aanpassen, aangezien de synchronisatie dan volledig zal fout lopen. Wij willen u echter in alle transparantie informeren waar deze instellingen ingegeven worden. Dit zal gebeuren in het scherm “Tools > Parameters > Externe koppelingen > Into.Care”

image.png


Belangrijk: Gelieve hier niets aan te passen. Dit zal door een Corilus medewerker voor u ingesteld worden bij het opstarten van de synchronisatie.

4. Residenten: een correct opgesteld dossier

Opdat er voor een resident een correcte synchronisatie kan plaatsvinden tussen CareConnect Admin en CareConnect into.care, dienen de volgende onderdelen van een residentenfiche steeds volledig ingevuld te zijn:

4.1. Adm. 1

  • Naam en voornaam: De naam en voornaam van de resident moet ingevuld worden in het administratief dossier in CareConnect Admin. De schrijfwijze van CareConnect Admin wordt overgenomen in CareConnect into.care.

  • Geboortedatum: De geboortedatum van de resident dient ingevuld te worden.

  • Rijksregisternummer: Het rijksregisternummer van de resident dient ingevuld te worden om deze als unieke resident te herkennen.

  • De informatie die wordt ingegeven in CareConnect Admin in het tekstvak rechts onderaan wordt vanaf versie 4.7.23 van CareConnect Admin niet meer doorgestuurd naar het veld 'Goed om weten' onder Residenten > Residenten informatie > Persoonlijke gegevens in CareConnect into.care. Zoals eerder aangegeven werkt de API-koppeling in één richting van CareConnect Admin naar CareConnect into.care. Het veld 'goed om te weten' in CareConnect into.care stroomt ook door naar de mobiele applicatie en wordt dus voor de zorgmedewerkers terug bewerkbaar in CareConnect into.care.

4.2. Adm. 2

  • Filosofische begeleiding (optioneel): In dit veld kunt u aan de hand van drie letters de religieuze overtuiging van uw resident ingeven. Deze informatie gaat mee door naar CareConnect into.care en is terug te vinden onder Residenten > Residenten-informatie > Sociale gegevens.

And

andere

Ath

Atheïsme

Bud

Boeddhisme

Chr

Christendom

Isl

Islam

Jud

Jodendom

Hin

Hindoeïsme

4.3. Opn. 1

  • Kamernummer: Een resident dient een kamer toegewezen te krijgen. Deze kamernummer mag u niet zomaar intypen in het veld kamer. De kamer dient steevast via de knop 'Bezetting' toegekend te worden. Zie ook de procedure 'Kamerbezetting gebruiken'.

4.4. Katz

  • De Katz schaal kan/mag enkel aangepast worden in CareConnect Admin en niet rechtstreeks in CareConnect into.care.

4.5. Med.

  • Behandelende arts: Een resident dient een behandelende arts toegewezen te krijgen. (Voorwaarde synchronisatie arts: zie configuratie 2.3. Artsen)

4.6. Contact

  • Het toevoegen/wijzigen van contactpersonen gebeurt voortaan enkel in CareConnect Admin. Deze worden automatisch gesynchroniseerd naar CareConnect into.care. De informatie wordt altijd verstuurd van CareConnect Admin naar CareConnect into.care, nooit omgekeerd.

  • Bij synchronisatie zal geprobeerd worden om de contacten vanuit CareConnect Admin samen te voegen met eventueel reeds bestaande contacten in CareConnect into.care. Dit is enkel mogelijk als de namen van de contactpersonen volledig overeenkomen. Hierbij wordt geen rekening gehouden met hoofdlettergevoeligheid, maar wel met een andere schrijfwijze, vb. Filip versus Philippe. Wanneer er géén identieke schrijfwijze is, dan zal het desbetreffende contact uit CareConnect Admin bijgevoegd worden in de lijst van contacten in CareConnect into.care. De contacten in CareConnect into.care gaan niet verloren. Er kan wel een dubbel ontstaan indien het samenvoegen niet lukt door verschillen in schrijfwijze.

  • In CareConnect into.care is voornaam en familienaam uitgesplitst in twee velden. In CareConnect Admin is er één veld voor de familienaam en voornaam van een contactpersoon. In CareConnect Admin houdt u best de structuur "Familienaam_Voornaam" aan in dit veld. Immers het deel nà de laatste spatie in het veld 'naam' in CareConnect Admin wordt in het veld 'voornaam' in CareConnect into.care geplaatst. Bij een dubbele voornaam maakt u gebruik van een koppelteken om deze als één voornaam te beschouwen, vb. Anne-Marie of Anne-France.

  • Optioneel: Wanneer u reeds een verwantschap mee wenst te vermelden in het veld naam in CareConnect Admin, dan houdt u bij voorkeur de volgende structuur aan: "Familienaam_verwantschap_Voornaam".

  • Het adres en emailadres synchroniseert naar CareConnect into.care. Het is verplicht om ofwel een volledig correct adres op te geven ofwel géén; met andere woorden een adres met enkel vermelding van een postcode en een stad zonder de straatnaam zal niet synchroniseren naar CareConnect into.care.

  • De verwantschap synchroniseert mee naar CareConnect into.care op voorwaarde dat de Kmehr koppeling in de configuratietabel werd ingevuld. (Zie ook 2.1.)

  • Enkel het telefoonnummer uit het veld 'Tel.' gaat mee van CareConnect Admin naar CareConnect into.care. Indien er een bijkomend GSM nummer is gekend dat bij voorkeur wordt gebruikt, dan noteert u dit in het veld 'Tel.'.

  • Opmerkingen: De informatie uit het veld 'opmerkingen' bij een contactpersoon synchroniseert mee naar CareConnect into.care.

  • Wettelijke vertegenwoordiger: Indien in CareConnect Admin een contactpersoon werd aangevinkt als zijnde de wettelijke vertegenwoordiger, dan wordt dit ook gesynchroniseerd naar CareConnect into.care naar het veld 'wettelijke rol.

5. Foutopvolging

5.1. Foutmelding op de achtergrond CareConnect Admin

Indien er residenten niet synchroniseren is dit zichtbaar voor elke CareConnect Admin gebruiker door middel van een rode foutmelding op de achtergrond van elke CareConnect Admin applicatie. Hieronder ziet u een foutmelding voor 168 residenten.

image.png


Waar u voorheen het gissen had naar de oorzaken van synchronisatieproblemen, helpt CareConnect Admin u voortaan om zo eenvoudig mogelijk een oplossing aan te reiken voor de vastgestelde problemen. Een groot aantal van de vastgelopen synchronisaties kunnen namelijk herleid worden tot ontbrekende gegevens bij de resident en/of bij configuraties van de instelling.

5.2. Foutmeldingen synchronisatie

Het scherm om de synchronisatieproblemen na te kijken kunt u vinden in "Tools > Overzicht meldingen CareConnect Care & Admin service > synchronisatie".
De datum bevat alle fouten die nog niet werden verwerkt.
Let op: Een actie is vereist om de fouten te verwerken. Indien u niets doet zal de fout blijven staan en de resident niet synchroniseren.
Hieruit ontstaan twee situaties:
1. De resident in het veld 'Omschrijving' moet niet gesynchroniseerd worden.
2. De resident in het veld 'Omschrijving' moet wél gesynchroniseerd worden.

  1. De resident moet niet gesynchroniseerd worden.

De resident heeft al geruime tijd de voorziening verlaten. Of het gaat om een resident met een dubbele fiche waar geen zorgen aan gelinkt zijn en die bijgevolg niet moet doorstromen naar CareConnect into.care. Dan volgt u de volgende stappen:

  • Selecteer de lijn voor deze resident.

  • Druk op het stop icoon image.png

    onderaan de pagina. Dit icoon zal ervoor zorgen dat de synchronisatie voor deze resident niet meer zal gebeuren.

  • Verwijder de foutenlijn door het icoon met het kruisje image.png

    aan te klikken. De lijn verdwijnt in de meldingen en zal niet meer terugkomen omdat u in voorgaande stap gekozen heeft om de resident niet meer te synchroniseren.

  1. De resident moet wél gesynchroniseerd worden.

De resident moet zichtbaar zijn in de CareConnect into.care applicatie. Dan volgt u volgende stappen:

  • Selecteer de lijn voor deze resident.

  • Dubbelklik op de lijn om de foutmelding na te kijken. Er zal een extra kader openen. Kijk de foutmelding na. Hierbij kan de lijst met mogelijke foutmeldingen hieronder u helpen.

  • Nadat het probleem opgelost is, kunt u op het groene plusje image.png

    drukken. Hierdoor zal de synchronisatie zo snel mogelijk opnieuw aangeboden worden aan de CareConnect Care & Admin Service. Dit is meestal binnen de minuut.

Verder is er ook nog een icoon image.png

. Hiermee kunt u alle residenten waarvoor de synchronisatie actief staat aanbieden om te synchroniseren. Ook de residenten die reeds in de lijst met fouten staan. Alle residenten worden opnieuw aangeboden aan de synchronisatie. Dit kan gebruikt worden bij een eerste synchronisatie of bij een globale fout die gecorrigeerd werd, zoals vb. een verkeerde landcode of een dokter die een incorrect RIZIV nummer had ingesteld. Indien u verwantschappen aanpast is het ook nuttig om alle residenten opnieuw te synchroniseren.

image.png

Tot slot is er het icoon image.png

waarmee de kamers kunnen worden gesynchroniseerd. Dit heeft als voordeel dat u als CareConnect Admin gebruiker altijd zelf kan bepalen wat er moet gebeuren in CareConnect into.care, namelijk:

  • een kamer verwijderen (rood)

  • een kamer toevoegen (groen)

  • een kamer updaten (blauw)

Om dit te doen selecteert u de te synchroniseren lijn via de checkbox vooraan. Daarna duwt u op de synchroniseerknop. Het is echter niet mogelijk om een lege afdeling in CareConnect into.care verwijderen. (Deze situatie doet zich enkel voor bij bestaande portalen waar de synchronisatie wordt aangezet.) Dit moet nog manueel gedaan worden door een Corilusmedewerker. Hiervoor zal u na de opstart van de synchronisatie een ticket moeten loggen via het klantenportaal my.corilus.be en een aanvraag doen om de lege afdeling(en) te verwijderen.

image.png

5.3. Mogelijke foutmeldingen

De foutmeldingen worden in het Engels weergegeven, maar bevatten voldoende informatie om de oorzaak van het probleem te vinden. Indien u de oorzaak niet kan vinden, mag u met Corilus contact opnemen. Hieronder staan de meest voorkomende foutmeldingen.

5.3.1. Geen kamer voor de resident

Het is verplicht om een kamer te linken aan een resident die u wil synchroniseren. Indien de resident niet in een kamer verblijft of heeft verbleven kan de resident niet aan CareConnect into.care doorgegeven worden.

image.png


image.png


5.3.2. Geen rijksregisternummer

Indien de resident geen geldig rijksregisternummer heeft zal onderstaande foutboodschap zichtbaar zijn.

image.png

5.3.3. Problemen met de gekoppelde dokter

Aan een resident is een dokter verbonden. Indien deze niet voldoende informatie bevat, zal er een foutmelding ontstaan.

Onderstaande foutmelding geeft aan dat er geen dokter is gekoppeld aan de resident of dat het RIZIV nummer van de dokter niet of onvolledig is ingegeven.

image.png


Onderstaande foutmelding geeft aan dat er een dokter is gekoppeld aan de resident, maar dat die geen voornaam heeft in de applicatie. De volledige naam van de dokter moet ingegeven zijn.

image.png

5.3.4. Geboortedatum in de toekomst

Een geboortedatum mag niet in de toekomst liggen. Hiervoor krijgt u volgende foutmelding.

image.png

5.4. Tips & Tricks

5.4.1. Synchronisatie foutief gestopt

Mocht u per ongeluk bij het nazien van de residenten op het

image.png

icoon gedrukt hebben, dan kunt u de synchronisatie opnieuw activeren door de residentenfiche te openen en in het bovenste menu op het

image.png

icoontje te klikken. Hier zet u de resident terug op actief en hierna selecteert u dan 'synchroniseer' om de resident opnieuw te synchroniseren.

image.png

5.4.2. Hoe kan ik zien of de API actief is?Mocht de API actief zijn voor u, dan kunt u dat zien door een residentenfiche te openen. In de bovenste balk zal aan het einde een image.png zijn toegevoegd.

5.4.3. Hoe voer ik een wijziging door?

Een wijziging vanuit de API koppeling tussen CareConnect Admin en CareConnect into.care gebeurt zodra u de residentenfiche bewaart. Het enige wat u dus dient te doen is op het disketje image.png te klikken. CareConnect Admin voert de verdere nodige stappen automatisch uit.

5.4.4. Hoe synchroniseer ik een nieuwe resident met CareConnect into.care?

U dient verder niets te doen dan deze aan te maken in CareConnect Admin. Van zodra de resident opgeslagen wordt zal er een poging gedaan worden tot synchronisatie. De resident wordt gesynchroniseerd in CareConnect into.care indien alle vereiste velden (zoals hierboven beschreven) correct werden ingevuld. U zal een foutmelding te zien krijgen op het startscherm van CareConnect Admin indien de synchronisatie naar CareConnect into.care niet geslaagd is. In hoofdstuk 5.3. vindt u terug welke stappen u in dit geval kunt ondernemen.

5.4.5. Ik zie mijn resident niet in CareConnect into.care?

Mogelijks is er bepaalde informatie niet goed ingevuld. Ga na of de resident in de lijst staat met synchronisatiefouten. U kunt deze vinden door in het menu Tools > Overzicht meldingen CareConnect Care Admin service > synchronisatie te selecteren. In hoofdstuk 5.3. kunt u terugvinden wat u moet doen om fouten te herstellen.

5.4.6. Hoe weet ik welke informatie er mist bij een foutmelding?

Wanneer u de lijst met synchronisatie fouten geopend heeft via Tools > Overzicht meldingen CareConnect Care Admin service > synchronisatie, kunt u dubbelklikken op het rode kruis naast de naam van de resident om de foutmelding te openen. Staat de foutmelding niet in het overzicht, stuur een screenshot van de foutmelding via het klantenportaal naar ons toe en we zullen contact met u opnemen om de foutmelding samen met u op te lossen.

Was dit een antwoord op uw vraag?